Katten eten nu eenmaal soms rauw vlees, en tijdens het snuffelen, spelen of jagen kunnen ze ook prooidieren vangen en (deels) opeten. Dit kan het risico op een worminfectie vergroten. Ontdek in dit artikel hoe besmetting via rauw vlees of prooidieren precies ontstaat, welke parasieten het meest voorkomen en vooral: hoe je besmetting herkent.
Heb je een hond? Ontdek hier alles voor honden!
Prooidieren
Prooidieren kunnen wormen overdragen aan katten. De meest voorkomende zijn rondwormen en lintwormen.
Veel kleine prooidieren zoals muizen, ratten, konijnen en vogels kunnen drager zijn van parasieten. Wanneer je kat zo’n dier vangt en (deels) opeet, kunnen de larven of eitjes van deze wormen in zijn spijsverteringsstelsel terechtkomen en daar verder ontwikkelen.
Waarom dragen prooidieren wormen?
Omdat zij zelf tussengastheer zijn. Dit betekent dat parasietlarven zich in hun lichaam nestelen en pas volwassen worden wanneer een roofdier (zoals je kat) hen opeet.
Kort gezegd:
- Parasiet zit in muis
- Kat eet muis
- Parasiet bereikt darmen van de kat
- En begint zich daar te ontwikkelen
Rauw vlees
Net zoals bij mensen kan ook rauw vlees een risico vormen op worminfecties. Dit kan vooral gebeuren wanneer:
- Het dier waarvan het vlees komt zelf besmet was;
- Het vlees niet correct bewaard werd;
- Het vlees afkomstig is van wild (bv. everzwijn of hert), dat vaak drager is van parasieten.
Het principe is vergelijkbaar met prooidieren: als de parasiet of zijn eitjes in het vlees aanwezig zijn, kunnen ze bij consumptie worden overgedragen op je kat.
Geen rauw vlees meer?
Niet noodzakelijk. Veel katten eten rauw vlees zonder problemen, op voorwaarde dat:
- Het vlees afkomstig is van een betrouwbare bron,
- Het correct bewaard wordt,
- Je strikte hygiënerichtlijnen volgt.
Het belangrijkste is dat je alert blijft voor signalen van worminfectie en dat je kat een passend ontwormingsschema volgt, zeker als zij rauw eet of vaak prooitjes vangt.
Signalen van wormen bij katten
Worminfecties verlopen vaak onopgemerkt, omdat katten in het begin weinig tot geen duidelijke signalen vertonen. Toch is het belangrijk alert te blijven voor signalen zoals:
- Gewichtsverlies ondanks normale eetlust
- Diarree of wisselende ontlasting
- Overmatig anuslikken of “sleetje rijden”
- Bolle buik, vooral bij kittens
- Doffe, ruwe vacht
- Wormen of segmentjes in de ontlasting of rond de anus
- Verminderde energie, sloomheid
- Braken, soms met zichtbare wormen
Zie je deze signalen? Dan is een bezoek aan de dierenarts aangewezen voor een juiste diagnose (via ontlastingstest) en behandeling.
Op zoek naar een geschikt ontwormingsmiddel voor je kat? Drontal en Mansonil bieden een brede bescherming tegen de belangrijkste maag‑darmwormen bij kat, met ontwormingspipetten of smakelijke tabletten voor volwassen katten. Verkrijgbaar via je dierenarts of dierenspeciaalzaak. Vraag je dierenarts naar de juiste dosering en een schema op maat voor jouw dier.
Let op: dit is een diergeneesmiddel. Lees altijd eerst de bijsluiter voor gebruik.
Rauw vlees en prooidieren kunnen het risico op worminfecties vergroten, maar met goede hygiëne, kwaliteitsvol vlees, een correct ontwormingsschema en door alert te zijn voor de signalen van een worminfectie hoeft dit geen probleem te zijn. Zo blijven zowel je kat als jij en je gezin gezond en wormvrij.

